Graafse democratie toe aan fundamenteel onderhoud

Een citaat van de econoom Riens Meijer: ‘Uit waarnemingen, ervaringen en verder onderzoek ben ik tot de conclusie gekomen dat feitelijk de bureaucratie het vertrouwen in ambtenaren en politici kapot heeft gemaakt (…) Ik wil dit aan de kaak stellen omdat dit gevolg van de bureaucratie veelal onzichtbaar blijft en daarom niet de maatschappelijke aandacht krijgt die het moet hebben.’

Meijer schrijft dit op 1 juni 2011 op de website ‘Liberale Media’. Hij stelt vast dat onze samenleving onder invloed van een steeds omvangrijkere en machtigere bureaucratie wordt beschouwd als een tot in de details vanaf de tekentafel maakbare samenleving. Omdat er zoveel macht en bevoegdheden samenklonteren in de overheidsbureaucratie, rest er steeds minder vrijheid voor de burger en neemt de afhankelijkheid van ambtelijke regels onverantwoorde vormen aan.  In de politiek wordt breed aangevoeld dat dit een slechte ontwikkeling is maar in de praktijk leidt dat vooral tot rituele dansen. Heel tekenend is bijvoorbeeld dat menig kabinet zich ten doel stelt om de hoeveelheid ambtenaren drastisch te verminderen maar dat in de praktijk het tegenovergestelde gebeurt. Meijer schrijft: ‘Er wordt niet of nauwelijks in eigen vlees gesneden. De politiek laat duidelijk blijken zich niets aan te trekken dat de bureaucratie voor Nederlanders volksvijand één is geworden.’

Kansloos

Al lezende bekruipt je het gevoel dat Meijer het over onze gemeente Grave heeft, als hij zegt: ‘Door de systematiek van de bureaucratie blijft veel ellende die burgers individueel ervaren onzichtbaar. De burgers zijn in geschillen met de overheid meestal kansloos. De overheid drijft desnoods tegen beter weten in haar zin door en gebruikt daarbij gerechtelijke procedures (uiteraard op kosten van de belastingbetaler) als ‘neutraal’ drukmiddel. Zij ‘adviseert’ de burger, in ultieme situaties, zelf via de rechter haar eventueel gelijk op de overheid te verkrijgen. 
Door deze Kafka-achtige cultuur wordt de burger door haar eigen overheid in langdurige en zeer kostbare procedures gestort in de wetenschap dat de burger dan vanzelf de strijd tegen de overheid wel een keer zal opgeven. Als de rechter een uitspraak doet die de overheid niet welgevallen is dan blijkt nog wel eens dat men vervolgens die uitspraak tracht te frustreren. Vooral een starre houding van een ambtenarenapparaat, of de ondoordringbare structuren ervan, zorgen voor schrijnende gevallen. Het geld, de energie en tijd die hiermee verloren gaan, is enorm veel en onnodig.’

Vraagtekens

Dat het bij het besturen van, in ons geval, een gemeente uiteindelijk om de burgers te doen is, is voor de doorsnee ambtenaar niet meer zichtbaar door het grote aantal tussenschakels. Daardoor groeit de onverschilligheid en mocht een ambtenaar desondanks vraagtekens plaatsen bij wat hij of zij aan het doen is, dan heeft hij alle reden om het geweten te sussen en te bedenken dat zijn superieuren verantwoordelijk zijn. De ambtenaar doet alleen zijn of haar werk. ‘Het ongerief en het leed dat de beambte de burger aandoet, blijft voor de beambte onzichtbaar, althans hij kan doen alsof hij het niet ziet.‘

Status

Meijer legt ook de vinger op een ander element dat een rol speelt. Politiek en ambtelijk wordt vaak als norm gesteld dat individuele ambtenaren niet mogen worden aangesproken op hun gedrag en hun geweten maar die norm dient vooral de macht van de overheidsbureaucratie over de individuele ambtenaar en speelruimte van de leidinggevende bureaucraat. Het is een norm die vanuit de gemeentewet niet is overeind te houden is en die uiteindelijk ambtenaren en politici voorziet van een status van onaantastbaarheid doordat ze zich kunnen verschuilen achter de positie van de ambtenaar die zogenaamd in het geding komt, als er kritiek komt op zijn handelen. Ze zouden zich niet kunnen verdedigen. Ook dat klopt niet. Een ambtenaar heeft ook binnen de wet- en regelgeving voldoende mogelijkheden om voor zijn rechten op te komen en zich te verdedigen.

Vertrouwen

Meijer ziet maar één uitweg uit deze scheefgegroeide situatie: ‘Het is dus duidelijk wat ons te doen staat. Wij moeten beambten en bestuurders die zich schuldig maken aan onwettig handelen of immoreel gedrag, opsporen en persoonlijk aansprakelijk stellen, zodat hun handelen weer binnen de normale menselijke sociale controle komt te vallen. Daarnaast moet de woeker van de bureaucratie nu eindelijk eens worden gestopt. Dan pas zal het vertrouwen van de burger in de overheid en politiek terug kunnen komen.

Voorbeelden

In Meijers beschouwing is zonder moeite een spiegel te herkennen die het bestuur van Grave zichzelf zou moeten voorhouden. Een relatief klein ambtelijk apparaat waar de bureaucratie de hoofdrol lijkt te spelen. De voorbeelden kennen we zo goed dat we ze niet eens hoeven te noemen. Mensen en vooral bedrijven die op hoge kosten zijn gejaagd met de wet in de hand van ambtenaren die onaantastbaar lijken. Of… onaantastbaar worden gehouden, omdat het zo lekker besturen is achter de brede rug van een bureaucratie die het tot in de puntjes regelt. In Grave hebben we dan ook nog eens van doen met de dodelijke combinatie van onze ontspoorde bureaucratie met onze politici die niet de geringste ambitie lijken te hebben om hun eigen macht naar behoren uit te oefenen. De Raad als hoofd van de gemeente… Ons democratisch bewustzijn noopt ons de raad daarop aan te spreken maar onze realiteitszin lijkt ons helaas een heel andere richting in te wijzen. Het slaat zelfs nergens meer op om te constateren dat het vijf voor twaalf is. Was het maar waar…

 

Column eerder geplaatst op Gravekiest (januari 2014)

Ben Bongaards  (
www.Gravepolitiek.nl)

 








alle inhoud op www.gravepolitiek.nl valt onder © en mag niet zonder toestemming gepubliceerd worden.